vrijdag 14 februari 2020 – 20.00 uur

Viool & Piano
Saskia Otto – viool
Kanako Inoue– piano
Beethoven, Mozart

Een concert Valentijnsdag waardig

Saskia Otto

‘Ode aan de liefde voor muziek’, zo hebben de violiste Saskia Otto en de pianiste Kanako Inoue het concert op deze Valentijnsdag genoemd. Want op vrijdag 14 februari om 20.00 uur voeren zij muziek uit boordevol romantiek en liefde. Op het programma staan Schubert (Sonatine in D groot), Brahms (Vioolsonate no. 2 ), Beethoven (Vioolsonate no.4 ) en tot slot Schubert (An die Music)

Kanako Inoue
foto: Mirande Phernambucq

Programma toelichting:
We beginnen dit Valentijns concert met de Sonatine in D groot van Franz Schubert, geschreven in 1816. Het is een charmant, liefdevolle kleine sonate. Het eerste deel lijkt eenvoudig, beginnend met een ‘simpele’ majeur drieklank in viool en piano, maar in de doorwerking schemeren ook emotionelere en complexere fragmenten door.

Het tweede deel, een mini wondertje op zichzelf, bestaat uit een A-B-A vorm, de piano leidt de eerste dans, waarna de viool het overneemt. Het eindigt in volledige conversatie tussen de twee.

Het derde en laatste deel van deze sonatine is een weerspiegeling van pure vreugde, voor ons een ode aan muziek en liefde.

Johannes Brahms, romanticus bij uitstek, schreef zijn 2e vioolsonate in de zomer van 1886 in Thun, Zwitserland. Deze zomer was een creatieve periode voor Brahms, zowel door de prachtige omgeving, als door inspirerende ontmoetingen met oa de jonge zangeres Hermine Spies. Hij zag haar regelmatig en ontwikkelde amoureuze gevoelens voor haar in deze periode. Hij was deze periode dermate geïnspireerd dat hij daar zelf over zei zo vol van melodieën te zijn dat hij voorzichtig moest zijn er niet op te gaan staan.

Van zijn drie vioolsonates heeft de tweede vioolsonate het meest gelukzalige karakter. De toonsoort A groot, staat bekend als de toonsoort van de liefde.

In plaats van de gebruikelijke vier-delige sonate structuur bestaat deze sonate uit drie delen. Aan het eerste deel voegt Brahms het woordje amabile toe; het hele deel is liefdevol en lyrisch. Door de rollen van zowel een intiem adagio, als een volksachtig scherzo te gebruiken voor het tweede deel, herinnert het toch aan de vierdeligheid van de gebruikelijke sonatevorm. Het derde deel is een rondo; het elegante thema komt steeds terug op verschillende manieren. Wanneer de viool als laatste keer het thema speelt citeert de piano het begin van het eerste deel. De cirkel is rond.

Het is dit jaar 250 jaar geleden dat Ludwig van Beethoven werd geboren. We kunnen dit concert niet voorbij laten gaan zonder een van zijn prachtige vioolsonates te spelen.

Beethoven schreef zijn vierde vioolsonate in 1801, opgedragen aan de graaf Moritz von Fries, een edelman bankier en beschermheer van de kunsten in Wenen. De graaf organiseerde muzikale soirees waarin hij vele muzikanten en componisten ondersteunde, met name Haydn, Beethoven en Schubert. In ruil voor deze financiële steun heeft Beethoven deze sonate aan hem opgedragen, alsook zijn beroemde zevende symfonie.

De sonate opent met een stormachtig presto, vol dialogen tussen viool en piano. Het tweede deel bestaat uit drie gedeeltes; een lieflijke, simpele melodie, daarna een fuga en het eindigt met een scherzo.

Het laatste, snelle deel is wederom een rondo. Kort voor het einde vindt de climax plaats van het hele stuk. Luide akkoorden en dan snelle bewegingen in piano en viool, gevolgd door een plotseling, luid akkoord die de climax naar het hoogtepunt brengt. Het stuk eindigt met een zeer plots veranderd karakter, verstild en improviserend.

We eindigen dit concert met een bewerking van het beroemde lied van Franz Schubert ‘An die Musik’ ; een ode aan muziek en zijn liefde daarvoor, geschreven in 1817. De tekst is geschreven door zijn vriend en dichter Franz von Schober, die hij ontmoet had in Wenen en later ook het libretto schreef voor Schuberts Opera Alfonso und Estrella. De tekst van het lied luidt als volgt:

Du holde Kunst, in wieviel grauen Stunden,
Wo mich des Lebens wilder Kreis umstrickt,
Hast du mein Herz zu warmer Lieb’ entzunden,
Hast mich in eine bessre Welt entrückt!

Saskia Otto werd geboren in Amsterdam en begon met vioolspelen op vijfjarige leeftijd. Ze studeerde in Londen, New York en Amsterdam waar ze haar Masters afsloot bij Vera Beths.

Sinds 2018 is Saskia tweede plaatsvervangend concertmeester van het Rotterdams Philharmonisch Orkest. Daarnaast is ze gast aanvoerder bij Londen Symphony Orchestra en remplaceert ze bij Amsterdam Sinfonietta en het Koninklijk Concertgebouw Orkest, waar ze in 2013 de Academie volgde.

Naast haar drukke bestaan als orkestmusicus, speelt Saskia graag en veel kamermuziek in verschillende bezettingen, in binnen- en buitenland. Zo speelde ze als kamermusicus in oa het Concertgebouw in Amsterdam, Rideau Hall in Ottawa, Trieste Chamber Music Festival in Italië, Avigdor Classics in Zwitserland en Bayreuth Kreuth Musikfest in Duitsland.

Saskia bespeelt een Goffriller viool, haar ter beschikking gesteld door het Rotterdams Philharmonisch Orkest.

Kanako Inoue is geboren in Ibaraki, Japan. Zij studeerde bij conservatoriums in Tokio, Utrecht en Amsterdam onder Fujiko Yamada, Martyn van den Hoek en Stanley Hoogland.

Sinds 2010 is Kanako een officieel begeleider voor strijkers bij het Peter de Grote Festival in Groningen. Zij is de huispianist bij het jaarlijks terugkerende Cugnon Project. Ook geeft zij concerten met strijkers en zangers, waaronder: Bernadeta Astari, Emma Besselaar, Chris Duindam, Rosina Fabius, Douw Fonda, Saskia Otto, Mario Rio, Veerle Schütz, Anna Steenhuis en Michael Wilmering.

Daarnaast werkte Kanako als gast pianist bij Codarts Dance Academie in Rotterdam, the National Ballet Academy Amsterdam en de Junior Company van het Dutch National Ballet. Recentelijk werkt zij als repetitor van dans opleiding bij het Koninklijk concervatorium in Den Haag.

Reacties zijn afgesloten.